Sebastiaan voor Sotsji

Sebastiaan SotsjiDeze zomer stond ik in Madrid oog in oog met deze mooie jongen. Onder de rossige krullenbol zag ik een mengeling van ironie en dromerigheid, een roomwitte huid zonder beharing, maar ook een afgetraind lichaam en een pijl in de hartstreek als een enorme piercing. De contrasten rolden van het paneel.

Door de pijl weten we dat de mooie tors en verleidelijke blik van de Heilige Sebastiaan zijn, zoals altijd schaars gekleed. Sebastiaan was voor de schilders in de Renaissance, en vooral voor de Maniëristen onder hen, een onschuldige aanleiding voor het schilderen van mooi mannelijk naakt. Dit zou ook kunnen met de figuur van Christus aan het kruis, maar een lijdende Verlosser als lustobject was minder gepast. Sebastiaan daarentegen leende zich voor talloze afbeeldingen in een bevallige, nadrukkelijk geposeerde houding. Het slanke of juist gespierde lijf volgens de code net niet naakt, met vaak een lendendoek die er bijna afvalt of zoals hier de rose stof, die de goedgevormde schouders eerder accentueert dan bedekt.

Kunsthistorici vertellen zelden iets nieuws. Meestal leggen ze uit wat iedereen kan zien en dat is vaak minder makkelijk dan je denkt. Om beelden snel te verklaren bedienen ze zich graag van clichés. En zo wordt de Heilige Sebastiaan vaak opgevoerd als een homo-erotisch ideaal. Een fijn cliché in dit geval, want zo kan hij vanuit zijn hemelse staat alsnog een statement maken in de discussie rond de gewichtige afvaardiging van Nederlandse bobo’s naar Sotsji. En dat niet alleen vanwege de erotiek die in Rusland is verboden maar hier onmiskenbaar wordt geëtaleerd. Want angsthazen die het te kwaad hebben met hun principes kunnen aan martelaars zoals Sebastiaan een voorbeeld nemen. Hij stond voor zijn christelijk geloof en riskeerde daarmee de toorn van Keizer Diocletianus, in wiens leger hij als hoofdman diende. Een marteling met pijlen overleefde hij ternauwernood, waarna hij de keizer opnieuw aanspoorde om zijn wreedheden tegen de Christenen te staken. Deze moedige opstelling moest hij in 288 uiteindelijk met de dood bekopen.

En dit brengt ons bij de vraag hoe moedig de hoofdmannen van ons landsbestuur zijn. Bij Sebastiaan leggen ze het af, en dat is maar beter ook, want van martelaars komt in deze tijd niets dan ellende. Maar in plaats van de kruiperige zorg om onze handelsbelangen, zou een Nederlandse premier met  ballen niet misstaan in de rij van regeringsleiders die in Sotsji schitteren door afwezigheid. En daarom: Sebastiaan voor Sotsji. In de middeleeuwen was hij al de beschermheilige van pestlijders, boogschutters en soldaten. Daar kwamen volgens populaire literatuur later nog atleten, stoffeerders en verkeerspolitie bij. En nu dus een heilige voor Sotsji, met als het kan wat extra zorg voor de Nederlandse schaatsers.

 

Bronzino, Heilige Sebastiaan, ca. 1533, olieverf op paneel, 87×76,5 cm, Museum Thyssen-Bornemisza, Madrid.